Juf & co deel 1

juf & co 1

In 2010 verscheen bij uitgeverij Clavis het eerste deel van de serie Juf & co: De juf die buiten spelen als huiswerk opgaf .
De tekeningen zijn gemaakt door Riske Marjolein Hund.

Er komt een nieuwe, bijzondere juf in de klas. Ze geeft buiten spelen op als huiswerk en gaat in de klas op de kast liggen om uit te rusten. De kinderen willen de juf voor geen goud meer missen. Maar daar denken de directeur van de school en veel ouders anders over. Als de gelegenheid zich voordoet, wordt de juf dan ook meteen met ziekteverlof gestuurd. De vervangster is niet alleen onmogelijk streng, ze is ook nog eens de aanstaande bruid van de directeur. Toch laten de kinderen het er niet bij zitten. Ze bedenken een aantal stoutmoedige plannetjes om hun lievelingsjuf te terug te krijgen. Tot er op een dag onverwachts een inspecteur in de klas verschijnt. Precies op het moment dat de juf in een kast is weggekropen...

De juf die buiten spelen als huiswerk opgaf is te koop bij alle boekhandels, bijvoorbeeld bij Het Verboden Rijk (klik hier). Of op Bol.com. Klik hier als je daar meteen naar toe wilt.

Fragment uit 'De juf die buiten spelen als huiswerk opgaf'

Ze zitten met z’n vieren naast elkaar gepropt op de bank in de leeshoek. Op het tv-scherm vliegt een konijn uit de bocht. Het beest probeert in de lucht nog door te lopen. Dan houdt het zijn poten stil. Het kijkt naar beneden en merkt dat het boven een diepe afgrond hangt. Met een zucht laat het zijn oren hangen, het kijkt de toeschouwers even met een treurige grijns aan en stort dan de diepte in. Als het konijn op de bodem van het ravijn bijkomt, valt er een klein steentje boven van de rots af. Het steentje tikt tegen een weer wat grotere steen. Voor het konijn kan opstaan, raakt het bedolven onder een lawine van steeds groter worden rotsblokken. De geluiden moeten ze er zelf bij verzinnen, want de tv staat heel zacht.
       Aysel kijkt de klas rond. De gebeurtenissen die zich voor haar ogen afspelen, doen haar denken aan de tekenfilm. Ook nu begint het met een kleinigheidje, maar uiteindelijk stapelt alles zich als een lawine van ellende op het hoofd van … juf Greet.
       Het kleinigheidje waarmee de narigheid begint, draagt een pak en heeft een stropdas om. Zijn haar zit keurig gekamd in een strakke scheiding.
       Meester Graus stapt het lokaal binnen. Net over de drempel blijft hij als bevroren staan. Dan zakt zijn mond open en hij gaat weer dicht. Met schokkerige bewegingen draait zijn hoofd van links naar rechts, als de kop van een vogel. Een roofvogel. Een roofvogel met een stropdas om. Zijn blik blijft steken bij juf Greet, die haar krant laat zakken om een slokje van haar koffie te nemen.
       Juf Greet ziet meester Graus. Het kopje in haar hand begint meteen te trillen. Ze frommelt de krant tot een prop. Ze wil opstaan, maar dat lukt niet. Ze ploft weer op de zitting. Dan begint er een onzichtbaar iemand met rode verf de wangen van juf Greet te beschilderen tot ze de kleur van vuur hebben.
       ‘Juffrouw Van Overbeek,’ begint meester Graus. Hij klinkt ook wel een beetje als een vogel. Krasserig. ‘Kunt u mij uitleggen wat hiervan de bedoeling is?’
       Zijn stem veroorzaakt opeens allerlei drukte in de klas.
       Voeten glijden bliksemsnel van tafeltjes af. Stripboeken liggen opeens met de kaft plat op tafel.
       Op het computerscherm, waar net nog racewagens rondsjeesden, is nu de kaart van Europa te zien.
       Damstenen zijn als bij toverslag veranderd in rijen met sommen.
       Bart, die op de middelste computer naar muziek zat te luisteren, heeft niets gemerkt van wat er achter hem gebeurt. Maar hij krijgt van twee kanten zo’n dreun dat hij heel gauw doorheeft wat er aan de hand is en de computer snel afsluit.
       Annet, die naast Saimi op het bankje zat, is snel opgestaan en heeft de tv uitgezet. Ze grist wat boeken uit de bibliotheekkast en gooit die de andere drie op het bankje in hun schoot.
       Thomas en Nele, die op het bord boter, kaas en eieren aan het spelen waren, vegen hun kruisjes en nulletjes gauw uit. Ze proberen achter de rug van meester Graus langs naar hun plek te sluipen. Maar die grijpt hen in hun kraag.
       ‘Wat waren jullie aan het doen?’ zegt hij bars.
       ‘Koter, baas …’ piept Nele, helemaal van slag. Aan de eieren komt ze niet eens meer toe.
       ‘Rekenen,’ zegt Thomas gauw.
       ‘In de eerste plaats, noem mij geen baas, jongedame. En in de tweede plaats, sta niet tegen me te liegen, jongeman.’ De ogen van meester Graus vonken van kwaadheid.
       ‘Ze mochten van mij een spelletje doen,’ komt juf Greet te hulp.
       Meester Graus draait zich van Nele en Thomas weg. Die trippelen zo snel mogelijk naar hun tafeltjes. Meester Graus werpt een blik op zijn horloge.
       ‘Een spelletje, juffrouw Van Overbeek? ’s Ochtends om negen uur staat er bij u spelletjes doen op het rooster?’
       ‘Nee, meneer Graus, maar …’
       ‘Niks te maren,’ bromt meester Graus, alsof hij tegen een klein kind praat. ‘Als ik op maandagochtend uw klas binnen stap, verwacht ik iedereen hard aan het werk te zien.’
       ‘We hebben een nieuw meisje in de groep. Ik wou alleen maar dat ze zich thuis voelde,’ zegt juf Greet. Haar stem klinkt zwakjes.
       ‘Zich thuis voelen, dat doet ze thuis maar,’ zegt meester Graus. Hij lacht erbij. Waarschijnlijk vindt hij het zelf wel grappig, wat hij zei. ‘Op school komt ze om te leren.’
       ‘Ja, meneer Graus.’
       ‘En dat geldt voor heel deze klas van de Professor Van Houckeschool.’
       ‘Ja, meneer Graus.’
       Het duurt even voor Aysel begrijpt dat hij Waaigat bedoelt.
       ‘Dus als ik hier over tien minuten kom binnenvallen, wordt er gerekend of getaald, of wat er maar op het rooster staat.’
       ‘Ja, meneer Graus.’
       Aysel zit het te bekijken. Het lijkt wel alsof meester Graus bij elke zin die hij zegt groter wordt. En bij elk antwoord dat zij geeft, lijkt juf Greet een beetje te verschrompelen.
       ‘Goed. Ik beschouw dit als een incident, juffrouw Van Overbeek.’
       ‘Ja, meneer Graus.’
       Aysel heeft geen idee waar hij het over heeft. Niemand trouwens, aan de vragende blikken te zien. Als de juf hem maar begrijpt.
       ‘Nog een keer van die rare fratsen en ik ben genoodzaakt aantekening ervan te maken.’
       ‘Ja, meneer Graus.’
       ‘Weet u waarvoor ik eigenlijk kwam?’
       ‘Nee, meneer Graus.’
       ‘Ik ook niet meer. Zo van slag ben ik nou. Enfin, als ik het weer weet, kom ik terug. En dan zie ik hier een hardwerkende klas, juffrouw Van Overbeek.’
       ‘Ja, meneer Graus.’

 

 


Terug

T-Hdesign | Copyright Rien Broere All rights reserved. Home - Contact