Adriaan van Dis, Tikkop
Uitgeverij Augustus, Amsterdam, 2010
221 pagina’s
ISBN  978-90-457-0244-5
€ 18, 95


In de roman Tikkop reist de oudere man en alter ego van de schrijver Mulder af naar Zuid-Afrika voor een verblijf bij zijn oude vriend Donald, een blanke Zuid-Afrikaan die hij in de jaren zeventig leerde kennen toen ze samen deel uitmaakten van het Franse 'Fraternité', een internationale antiapartheidsgroep in Parijs. Hij kiest als onderkomen een lekkend onderkomen bovenop de heuvel. Vandaar kijkt hij uit op het vissersdorp waar je het echte Zuid-Afrika kunt vinden, waar armoede, misdaden en corruptie de orde van de dag bepalen. Dat wordt niet  met zoveel woorden gezegd maar de verteller confronteert Mulder bijvoorbeeld met een zwaargewonde zwarte jongen die hij naar een dokterspost brengt, met een drugshol in een scheepswrak of met de zwarte jongen Hendrik, de zoon van oesterverkoopster en hoer Charmein. De jongen is verslaafd aan de 'tik', een goedkope drug die hersens, geheugen, gevoel en geweten wegvreet. Mulder neemt het op voor de jongen, geeft hem tijdelijk onderdak maar krijgt nauwelijks vat op hem. Hendrik is de ‘tikkop’ uit de titel. Hij staat symbool voor het Zuid-Afrika van nu.
    
De verhouding met het land heeft voor beide vrienden een duidelijke keerzijde. Donald is dorpsdokter en vertrouwenspersoon van de zwarten wat hem verdacht maakt bij de witte Afrikaners. Maar hij is ook de zoon van een blanke bestuurder onder het apartheidsregime waardoor hij gewantrouwd wordt door de zwarten. Mulder raakte, evenals Van Dis, in de jaren zeventig in Parijs betrokken bij een organisatie die de apartheid bestreed. Zijn ideeën over Zuid-Afrika zijn allang achterhaald.
 
In de Parijse verzetsbeweging was Donald het grote voorbeeld voor Mulder. Hij leerde echter bij toeval z’n witte Zuid-Afrikaanse achtergrond kennen. Dit verwarde hem zozeer dat hij sindsdien is blijven twijfelen aan Donalds oprechtheid. Bovendien waren beide mannen verliefd op dezelfde blonde medestrijdster, ook bepaald geen ideale voedingsbodem voor een altijddurende vriendschap. Dat is dan ook duidelijk merkbaar in de vele wrevelige gesprekken tussen de twee waarbij het autoritaire karakter van Donald voortdurend te hoop loopt tegen het stege engagement van Mulder.
 
Met deze Mulder is het goed toeven als lezer. Hij is een twijfelaar en een romanticus, een tikkeltje aan de stijve kant, zachtmoedig en naïef. Hij past ook goed bij de schrijfstijl van Van Dis, die altijd beschaafde stroom van woorden waar zelfs een verdwaalde krachtterm de melancholieke ondertoon niet aan kan tasten. Maar het zijn vooral de Zuid-Afrikaanse woorden en zinnen waarmee Van Dis als bij toverslag het land van geuren en kleuren voorziet.

Dat moet je maar net kunnen en daarvoor moet je er dan weer vaak geweest zijn, om te beginnen als student Zuid-Afrikaans en bijvoorbeeld dwepend met de dichter en roemruchte balling van weleer: Breyten Breytenbach. Met deze roman plukt de lezer de vruchten van Van Dis’ grenzenloze betrokkenheid bij Zuid-Afrika, zelfs tegen beter weten in.

Maarten van Boxtel

 

Terug

T-Hdesign | Copyright Rien Broere All rights reserved. Home - Contact